Wat als de band niet het probleem is,
maar de manier waarop ermee wordt omgegaan?
Wat als de band niet het probleem is,
maar de manier waarop ermee wordt omgegaan?
Wat als de band niet het probleem is, maar de manier waarop ermee wordt omgegaan?

Artikel
September, 2026 | Hester
Vooruit, ik zal bekennen dat Nienke en ik bij veel ‘grote’ stappen in ons leven soortgelijke keuzes hebben gemaakt. Maar goed, wat wil je ook: we zijn opgegroeid in hetzelfde gezin, hebben veel samen opgetrokken en hebben als eeneiige tweeling ook nog eens vrijwel hetzelfde DNA. Zet nature (aanleg en genen) en nurture (opvoeding en omgeving) bij elkaar en het is misschien niet zo gek dat er behoorlijk wat overlap is in onze interesses, voorkeuren en soms ook de keuzes die we maken. Kijk, zo klinkt het ineens allemaal heel wetenschappelijk verantwoord. ;)
Toch hebben we door de jaren heen ook behoorlijk ons best gedaan om vooral ons eigen ding te doen. Op de middelbare school vroegen we bijvoorbeeld ieder jaar opnieuw of we niet bij elkaar in de klas hoefden te zitten, maakten we onze studiekeuzes bewust los van elkaar en werden we aangemoedigd om ook onze eigen vriendinnen te maken. Ik heb zelfs overwogen mijn haar te veranderen (kort, stijl, paars, blond) uit pure wanhoop dat we écht twee verschillende mensen waren. Gelukkig ben ik lekker mezelf gebleven.
Op een gegeven moment was ik dat ‘de tweeling’ zijn soms ook gewoon een beetje zat (niet Nienke trouwens, voor de duidelijkheid). Maar wel dat we vaak als setje werden gezien. Ik wilde niet altijd ‘één van de twee’ zijn of standaard in één adem met Nienke genoemd worden. Soms wilde ik gewoon Hester zijn.
Inmiddels merk ik dat ik daar wat minder krampachtig in ben geworden. Ik hoef niet meer zo nodig te bewijzen dat ik mijn eigen keuzes maak. En als we toevallig wél dezelfde keuze maken, hoef ik daar ook niet meteen iets van te vinden. Blijkbaar lijken we gewoon behoorlijk op elkaar. Geen wereldnieuws voor een eeneiige tweeling…
Tegelijkertijd merk ik hoe snel zo’n vergelijking wel weer wordt aangewakkerd door de omgeving. Ik ga trouwen en de vraag gaat naar Nienke: wanneer zij gaat trouwen. Ik stop met volleyballen en zij krijgt de vraag of ze ook stopt. Ik kom ergens alleen binnen en krijg nog voordat mijn jas uit is: ‘Waar is Nienke?’ Ik heb buikpijn: ‘Heeft Nienke dat eigenlijk ook?’ Ik heb een bestuursjaar gedraaid binnen de studentenvereniging: ‘Gaat Nienke dit ook nog doen?’ Et cetera. Allemaal kleine dingen. Meestal gewoon uit belangstelling en nooit verkeerd bedoeld (!). Maar het laat wel zien hoe snel we bij de één ook aan de ander denken.
Zo terugkijkend, betekent een eigen leven leiden niet voor mij dat ik minder verbonden met haar moet zijn. Het gaat er voor mij vooral om dat we allebei onze eigen keuzes kunnen maken, zonder ons verantwoordelijk te voelen voor het leven van de ander. En daarbij speelt ook nog eens de omgeving (vaak onbewust) een rol. Misschien zit het uiteindelijk dus niet alleen in hoeveel ruimte wij elkaar als tweeling geven, maar ook in hoeveel ruimte we van onze omgeving krijgen om gewoon ons eigen leven te leiden.
Dus ja, grote kans dat we de komende jaren nog heel vaak dezelfde dingen leuk vinden, dezelfde mening hebben of toevallig weer eens een vergelijkbare keuze maken. En minstens zo grote kans dat één van ons iets doet waar de ander totaal geen zin aan heeft.
En volgens mij is dat allebei prima.
Vooruit, ik zal bekennen dat Nienke en ik bij veel ‘grote’ stappen in ons leven soortgelijke keuzes hebben gemaakt. Maar goed, wat wil je ook: we zijn opgegroeid in hetzelfde gezin, hebben veel samen opgetrokken en hebben als eeneiige tweeling ook nog eens vrijwel hetzelfde DNA. Zet nature (aanleg en genen) en nurture (opvoeding en omgeving) bij elkaar en het is misschien niet zo gek dat er behoorlijk wat overlap is in onze interesses, voorkeuren en soms ook de keuzes die we maken. Kijk, zo klinkt het ineens allemaal heel wetenschappelijk verantwoord. ;)
Toch hebben we door de jaren heen ook behoorlijk ons best gedaan om vooral ons eigen ding te doen. Op de middelbare school vroegen we bijvoorbeeld ieder jaar opnieuw of we niet bij elkaar in de klas hoefden te zitten, maakten we onze studiekeuzes bewust los van elkaar en werden we aangemoedigd om ook onze eigen vriendinnen te maken. Ik heb zelfs overwogen mijn haar te veranderen (kort, stijl, paars, blond) uit pure wanhoop dat we écht twee verschillende mensen waren. Gelukkig ben ik lekker mezelf gebleven.
Op een gegeven moment was ik dat ‘de tweeling’ zijn soms ook gewoon een beetje zat (niet Nienke trouwens, voor de duidelijkheid). Maar wel dat we vaak als setje werden gezien. Ik wilde niet altijd ‘één van de twee’ zijn of standaard in één adem met Nienke genoemd worden. Soms wilde ik gewoon Hester zijn.
Inmiddels merk ik dat ik daar wat minder krampachtig in ben geworden. Ik hoef niet meer zo nodig te bewijzen dat ik mijn eigen keuzes maak. En als we toevallig wél dezelfde keuze maken, hoef ik daar ook niet meteen iets van te vinden. Blijkbaar lijken we gewoon behoorlijk op elkaar. Geen wereldnieuws voor een eeneiige tweeling…
Tegelijkertijd merk ik hoe snel zo’n vergelijking wel weer wordt aangewakkerd door de omgeving. Ik ga trouwen en de vraag gaat naar Nienke: wanneer zij gaat trouwen. Ik stop met volleyballen en zij krijgt de vraag of ze ook stopt. Ik kom ergens alleen binnen en krijg nog voordat mijn jas uit is: ‘Waar is Nienke?’ Ik heb buikpijn: ‘Heeft Nienke dat eigenlijk ook?’ Ik heb een bestuursjaar gedraaid binnen de studentenvereniging: ‘Gaat Nienke dit ook nog doen?’ Et cetera. Allemaal kleine dingen. Meestal gewoon uit belangstelling en nooit verkeerd bedoeld (!). Maar het laat wel zien hoe snel we bij de één ook aan de ander denken.
Zo terugkijkend, betekent een eigen leven leiden niet voor mij dat ik minder verbonden met haar moet zijn. Het gaat er voor mij vooral om dat we allebei onze eigen keuzes kunnen maken, zonder ons verantwoordelijk te voelen voor het leven van de ander. En daarbij speelt ook nog eens de omgeving (vaak onbewust) een rol. Misschien zit het uiteindelijk dus niet alleen in hoeveel ruimte wij elkaar als tweeling geven, maar ook in hoeveel ruimte we van onze omgeving krijgen om gewoon ons eigen leven te leiden.
Dus ja, grote kans dat we de komende jaren nog heel vaak dezelfde dingen leuk vinden, dezelfde mening hebben of toevallig weer eens een vergelijkbare keuze maken. En minstens zo grote kans dat één van ons iets doet waar de ander totaal geen zin aan heeft.
En volgens mij is dat allebei prima.